Een skukuza door het leven geïnspireerd

Roel, een Skukuza door het leven geïnspireerd! ‘Uit jenever, turf en achterdocht is de echte Drent gewrocht……’, een oud gezegde over het oeroude Drenthe en haar bewoners.


Roel is geboren en getogen in ‘de parel van de hondsrug’ als zoon van een boer te Zuidlaren in Drenthe. Wist je trouwens dat de naam Drenthe komt van ‘Triantha’? Napoleon verdeelde Drenthe in drie delen. Vandaar. De stad Coevorden was destijds de enige toegang tot Triantha…

Al snel werd ik in ons eerste gesprek verrast door een verhaal van Roel over het waken bij koeien als kleine jongen van een jaar of negen in de stal van zijn vader. Er moest goed opgelet worden of er niet één van de koeien zou beginnen met beval-len. Zo was hij vaak in zijn eentje in de stal in de nabijheid van alle koeien. Een ervaring om nooit meer te vergeten zoals er zovele zijn in het leven van Roelof. Het lijkt bijna zeker dat hier zijn passie en fascinatie voor mens, dier en de verlos-kunde geboren is. Ik wilde geen boer worden maar toch ook weer wel, ik twijfelde. Echter de boerderij van mijn vader was zó oud dat het ons niet zou lukken deze op te knappen. Dit konden we financieel niet redden. Op de lagere school in de laatste klas werd door de onderwijzer de keuze gemaakt over hoe de kinderen verder zouden gaan in hun vervolgopleiding. Voor Roel werd dit als vanzelfsprekend de landbouwschool. De namen van de kinderen werden genoemd met de opleiding er achteraan. En daar zat je dan met je gebreide trui en met je klompen…….overgeleverd. Na de landbouwschool heeft Roel nog een jaar bij zijn vader gewerkt. Ook heeft hij de opleiding aan de rijksschool voor pluimvee afgerond, altijd was hij enthousiast om verder te leren, hij was en is nieuwsgierig en zeer werklustig. De stap naar wonen en werken in Utrecht maakte hij nadat hij aangenomen was bij de universiteit aldaar bij de faculteit diergeneeskunde. Toen hij de baan aangeboden kreeg, gekozen uit vele sollicitanten, vroeg hij waarom hij de uitverkorene was. ‘Die Noorderlingen willen tenminste nog werken’, was het antwoord. Roel werd daar een soort ‘jongste bediende’ die zich bezig moest houden met kolen slepen voor de verwarming, stallen schoonmaken, het terrein schoonhouden en boodschappen doen. Op zich wel heel opmerkelijk want eigenlijk was hij aangenomen voor de functie tractorchauffeur en dierenverzorger. ‘Iedereen begint zó, zei zijn leidinggevende, zo is dat nu eenmaal.’


Ondertussen zag Roel wel al die tractoren staan en kon hij bijna niet wachten totdat het zover was om daarmee te kunnen werken. In de periode dat hij de functie waarvoor hij aangenomen was mocht uitoefenen, werd zijn aandacht meer dan gewoon getrokken door de verloskunde op de operatiekamer. Vaak stond hij daar door de ramen te kijken naar het mooie werk van het personeel van de operatiekamer. Zijn interesse werd opgemerkt en spoedig kon hij aan de slag als kliniekbediende en operatieassistent. Ook in deze periode rondde hij verschillende cursussen af zoals instrumentenleer, sterilisatie, verloskunde en narcose bij dieren tijdens operaties. Daarnaast hield hij de hele apotheek bij. Rijksambtenaar was hij. Maar natuurlijk vooral verloskundige met hart en ziel. Ook deed hij met enthousiasme mee aan vele onderzoeken om ervoor te zorgen dat het vak verloskunde voor dieren en mensen nog preciezer kon worden uitgeoefend.

Hij heeft daarbij nog verscillende lezingen gegeven en artikelen geschreven om zijn ervaring en kennis over te dragen aan studenten en andere geïnteresseerden. Daarnaast zat hij in het bestuur van de werkgroep voor bijzondere huisdieren. Meer dan een bezige bij, nu we het toch over dieren hebben. Al die kennis en ervaring ten aanzien van verloskunde, gynaecologie, voortplanting en de ervaring als narcotiseur kon Roel zeer goed in de praktijk brengen. Vijfentwintig jaren lang heeft hij met passie en een enorme inzet gewerkt op de afdeling verloskunde voor het grootvee, je kunt wel zeggen in weer en wind en bij nacht en ontij. En wat een mooie verhalen heeft Roel geschreven over zijn ervaringen met mens en dier in het leven.


De inspiratie in zijn leven put hij veelal uit het omgaan met mensen en dieren. Met humor, respect en aandacht met beiden omgaan, dat is de essentie. Deze oprechte bedoeling heeft hij in beginsel ook naar zijn kinderen Bas en Linda en naar hun moeder Wanda. Wat hij belangrijk vindt door te geven aan zijn kinderen en kleinkind is eerlijkheid, vrijheid en vertrouwen. Het werkt heel subtiel maar ook eenvoudig in het leven. Het is een kwestie van goed kijken en luisteren naar mens en dier. Hoe kun je je medemens opbeuren, respect tonen en in zijn waarde laten? Ik wil heel graag de inspiratie die ik voel doorgeven aan kleine en grote mensen en aan de dieren natuurlijk. Al luisterend naar Roel bemerk ik dat dit als vanzelf al lukt. Prachtig en ontroerend trouwens om de verscheidenheid aan dieren te zien die Roel met passie en met veel ervaring een goede opvang geeft op een mooie plek aan de uiterste rand van IJsselstein, nu alweer 40 jaar lang. Een klein gevlekt varkentje volgt ons als we langs het hekwerk lopen…..op zoek naar eten. Alle dieren zijn hier welkom als zij maar niet mauwen of blaffen. Voor poezen en honden zijn er tenslotte al genoeg opvangmogelijkheden.


Mogelijk door zijn levenslange ervaring met dieren is Roel een aanhanger geworden van Darwin. Hij gelooft in de evolutieleer.‘We hebben iets bijzonders in ons, noem het een ziel, een kern of hoe dan ook. Die ziel is tijdloos. Elk mens heeft iets bijzonders, iets wat eindeloos is, meegekregen uit het oeroude d.n.a. of uit wat dan ook…maar het komt uit een ver verleden. De mens draagt dit mee en geeft dit door. Wij zijn allemaal schakeltjes. Een mooie cirkel van het leven.

Ik ben nog steeds gek op stenen, oude gebouwen, kerken, ruïnes in Schotland en Ierland. Die inspireren en ontroeren mij en maken mij ook wel melancholiek. Altijd moet ik ze even aanraken. Wellicht een verbintenis met de hunebedbouwers in mijn geboorteland…moet haast wel. Ik ben ook gek op bomen…op mijn erf staan er genoeg uit allerlei windstreken. Als je goed luistert, voel je wat zij te vertellen hebben.’ Het leven inspireert maar maakt dus ook wel melancholiek door alles wat je als mens meemaakt. Eén van de motto’s in Roel’s leven gaat over het belang van genieten van alles wat je ‘aangeboden’ wordt op je levenspad .Vroeger was het aanbod wel anders in de intense armoede in Drenthe. De mensen moesten kei- keihard werken. Kijk maar naar het levensverhaal van ‘Bartje’. ‘Het leven nu gaat zo enorm snel, zeker op mijn leeftijd. Voor je het beseft ben je oud. Geniet van dag tot dag! Althans, probeer het….Ik ben een man die kiest voor harmonie in het leven. Ik heb een ontzettende hekel aan ruzie. Ik wil als mens goed met mijn medemens en met de dieren omgaan. In alle respect kun je toch vertellen wat je wel of niet waardeert in elkaar.’ Roel mist vaak dit respect en de echte verbinding tussen mensen, ook in het nieuws op t.v. en in de kranten. Dit werkt veelal vervreemdend. Waar zijn mensen toch mee bezig? Neem nu bijvoorbeeld ontwikkelingshulp. Veertig procent is vaak al “verdwenen” voordat het geld bij de mensen aankomt. Het is beter volgens Roel om wegen aan te leggen samen met de mensen zelf, laat de mensen meehelpen bij de opbouw van hun dorp. Hij spreekt uit ervaring. Roel heeft één jaar in Afrika, in Namibië, gewoond en gewerkt, niet vanuit het oogpunt dat wij het als “bleekscheten” allemaal zo goed weten maar om ècht te ondersteunen. Niet voor niets werd hij daar skukusa genoemd. Skukusa betekent de man die alles verandert. Waar vind je een mooiere naam. En mooi ook hoe mensen daar, in Afrika, een afspraak maken…niet zo van we zien elkaar morgen om zes uur maar …morgenavond als de zon onder is, dan zien we elkaar….. Dit klinkt wel even poëtischer….


Lang geleden oogstte hij graan samen met zijn vader achter de zonakker (alle akkers in Drenthe hebben namen). Nu ligt zijn vader begraven ‘met uitzicht’ over de zonakker. Je kunt zeggen dat de cirkel, zo nadenkend, weer rond is……Zelf denkt Roel de laatste tijd ook wel over zijn eigen dood na. Hoe zou hij zijn afscheid vorm willen (laten) geven? Geen poespas. Zo sober mogelijk. ‘Wikkel mij maar in een doek……..en na mijn vertrek naar het paradijs mag er een bericht in de krant…. ’Maar nu weer terug naar het leven……Roel geniet ervan om in de Lopikerwaard te leven. Het is er prachtig. Ik ben een zandhaas vanuit het oude Drenthe maar ik geniet met volle teugen van de rivier de Lek en van de ondergelopen uiterwaarden en ik heb bewondering voor de oeroude bomen die al jaar in jaar uit overleven. En wie weet maak ik mijn eigen cirkel over een tijdje rond door terug te gaan naar Drenthe. En hoe zal dat zijn als het er van komt. Nu twijfel ik nog over de stap. Mijn oude Drenthe is veranderd en natuurlijk zijn vele mensen die ik ken ook uitgevlogen, hoe dan ook. De tijd zal het vertellen….




-Terugblik op de gesprekken met Roel Weites-


Geraakt, dat is het woord, ben ik door de gesprekken met Roel Weites. Een aaneenschakeling van verhalen over het leven, de geschiedenis, het werk, de dierenopvang, de relatie met mens en dier en nog zo veel meer aan uitstraling wat veelal niet benoembaar is. Als je de verhalen leest door Roel zelf geschreven kunt je de intentie en ervaring van hem in zijn leven voelen. Enthousiasme en melancholie wisselen elkaar af. Is dat niet wat een ieder herkent in het leven, in ons leven? Ik in ieder geval ik wel. Bij Roel heb ik duidelijk gevoeld dat hij een schakel is in het leven, zoals hij dit ook zelf verwoordt in het verhaal en zoals te zien is op de foto’s. Een verbinding die niet altijd laat zien waar het begint en waar het eindigt. Dat hoeft ook niet en het kan ook niet.


Roel vertelt tussen alle verhalen door dat hij als hij mocht kiezen een gierzwaluw zou willen zijn. Een gierzwaluw straalt een intense vrijheid uit en als de gierzwaluw niet op het nest zit, vliegt hij altijd in de lucht en immer met andere soortgenoten, zwenkend, etend en genietend en zelfs parend. Stel je voor dat je je bijna altijd tussen de wolken bevindt en dat je je mee laat dragen door de wind, misschien wel gierend van het lachen, wie zal het zeggen. Het geluid van een gierzwaluw is zeer scherp, het is een “gierend” geluid, vandaar dat deze vogel de naam gierzwaluw heeft meegekregen. De gierzwaluw deelt voor Roel de eerste plaats met het mooie zwarte Friese paard. De Fries is een beauty van een dier en heeft een bijzonder karakter. Zij vindt alles goed, is zeer lief en kan met iedereen door de bocht. Zwart glanzend steelt zij het hart van velen. De enige overeenkomst tussen deze dieren is dat zij beiden gitzwart zijn alhoewel de gierzwaluw een kleine witte vlek op het kinnetje heeft. Wat laten deze twee dieren een opmerkelijke tegenstelling zien. Een vrijheidslievende felle vogel met lange smalle vleugels en een korte staart. De pootjes zijn nauwelijks in staat om te lopen. In de oneindige lucht, in de hemel, daar wil deze vogel leven. En dan de Oer- Fries, een echt aards dier met stevige poten die heel graag met de benen op de grond blijft om het de wezens om hem heen naar de zin te maken. En vliegen, zoals de paarden duizenden jaren geleden, daar moet hij niet aan denken. De aarde dat is zijn terrein. Zo denk ik dat de dromen van Roel zweven tussen het vertrouwde van het aardse en het bevrijdende van het hemelse.

Willemien Veldhuizen
Fotografie: Gert van Leusden